Praktijkverhaal overgang

“Is er leven na de overgang?”

Vorig jaar vertelde een vrouw mij tijdens de intake het volgende:
“Ik ben nu bijna zestig, en er is niets meer na de overgang, want mijn leven gaat steeds slechter. Ik kán niet vergeven en ik hou die wrok naar de mensen toe vast. Ik ben de laatste vijftien jaar hartstikke levensmoe.
Ik heb een chronisch liefdeloze jeugd gehad. Mijn vader schold mijn moeder altijd uit voor alles wat lelijk was. Tevergeefs heb ik geprobeerd mijn ouders uit dat slechte huwelijk te redden.

Mensen walsen over me heen

Ik ben buitenbeentje. Mijn vertouwen wordt steeds weer beschaamd, want áls ik aandacht krijg, dan is het foute. In mijn vroege jeugd was er die kinderlokker, die dingen met me deed waar ik niets van snapte. Toen de dokter kwam zat ik al dagenlang in de stoel voor me uit te staren. Hij zei: “Ze mankeert niets is goed gezond, alleen een beetje stil”.
Er ís niemand voor mij. Als ik voluit ga met mijn leven, dan gebeurt er altijd iets ergs. Zoals die keer dat ik in mijn nieuwe witte jurk uit zou gaan, ik was zestien. Mijn broer morste er expres een kop thee over. Mijn ouders wilden het niet zien. Toen ik iets terug wilde doen, schopte mijn broer me letterlijk onder tafel met mijn hoofd tegen de tafelpoot. Daarna ben ik de deur uitgegaan en getrouwd. Mijn man was liefdeloos, had steeds iets met een andere vrouw. Zelfs iets met één van zijn leerlingen. Toen werd ik gedumpt. Als mens word ik ontkend, genegeerd. Het contact met mijn broers en zussen is ronduit slecht. Daarboven is het allemaal veel mooier.
Ik zit in een depressie”, eindigt ze haar verhaal met een diepe zucht.

“Wat wil je bereiken?” vraag ik haar, want ik werk met een ”gewenste toestand”

“Mijn vreugde in het leven terugkrijgen. Mijn creativiteit, ik wil weer léven.
Iets meer financiële armslag, misschien een klein baantje erbij?” Gedurende een periode van driekwart jaar doen we ongeveer tien regressiesessies, steeds met een aantal weken ertussen. Bij het laatste gesprek vraag ik haar: “Wat is er veranderd in het leven van nu voor jou?”

Mijn ouderwetse vrolijkheid is weer terug

Wat allemaal omhoog kwam uit mijn jeugd is weg. De fijnste sessie vond ik, dat ik de energie terug naar mijn ouders mocht sturen. Ik zag dat ze samen gelukkig waren, dus ik hoef niet meer voor ze te zorgen. Ik heb een klein baantje naast mijn huidige werk gevonden. Iets wat ik graag wilde. Ik doe Nordic Walking. Ik geniet van het lopen en fietsen in de buitenlucht. Ik heb gekozen voor een huisarts met een fatsoenlijke benadering. “Groot gelijk hebt u”, zei zijn assistente. Ik ben duidelijk naar mijn vriendinnen toe, zodat ik nu met respect behandeld word. Bij de uitvaart van mijn verongelukte neef, heb ik een bijeenkomst afgesproken. We hebben nu zussendag. Iets wat ik altijd al wilde. We gaan met de familie naar mijn broer, op de camping.

Het oude zeer zit me niet meer in de weg.
Ik denk nooit meer aan vroeger.
Het is wég ik ben clean.
En kan het leven leiden zoals ik dat nu wil”.

(gepubliceerd met toestemming van de cliënte)